Bylaws

The bylaws have recently been changed. No English translation has been made. Please ask a board member if you have any questions.

Op 28 juni 2021 zijn de statuten voor het laatst gewijzigd. Vanaf 1 juli 2021 luiden de statuten als volgt:

 

NAAM EN ZETEL.
Artikel 1.

De vereniging is genaamd: Gemeenschap van Wiskunde en Informatica Studenten, bij afkorting te noemen GEWIS.
De vereniging werd opgericht de achtentwintigste juni negentienhonderdtweeëntachtig en deze datum geldt als Dies Natalis.

Artikel 2.
Zij is gevestigd in de gemeente Eindhoven, Nederland.

BEGRIPSBEPALINGEN.
Artikel 3.

In deze statuten wordt verstaan onder:
TU/e: Technische Universiteit Eindhoven.
ALV: de Algemene Vergadering van GEWIS, zijnde de algemene ledenvergadering als orgaan van de vereniging, alsook bijeenkomsten van dit orgaan.
HR: Huishoudelijk Reglement van GEWIS.
KCC: Kascontrolecommissie.
AVC: ALV-Commissie.
Bestuur: Bestuur van GEWIS.
RvA: Raad van Advies.
Faculteit M&CS: Faculteit Mathematics & Computer Science van de Technische Universiteit Eindhoven.

DUUR.
Artikel 4.

  1. De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.
  2. Het verenigingsjaar loopt van één juli tot en met dertig juni daaropvolgend.

DOEL EN MIDDELEN.
Artikel 5.

  1. Het doel van de vereniging is:
    1. het behartigen van de studiebelangen van studerenden in de wiskunde en informatica aan de TU/e, in het bijzonder de leden;
    2. het bevorderen van de interesse in de studies wiskunde en informatica;
    3. het bevorderen van de kennis in de wetenschap van de wiskunde en de informatica;
    4. het bevorderen van de contacten tussen studerenden in de wiskunde en informatica aan de TU/e, in het bijzonder de leden.
  2. De vereniging tracht dit doel onder meer te bereiken door:
    1. het onderhouden van contacten met studerenden in de wiskunde en informatica aan de TU/e. Het bevorderen van contacten tussen deze studerenden en medewerkers van de faculteit M&CS en het onderhouden van contacten met deze medewerkers. Het onderhouden van contacten voor zover nuttig met andere (studie)verenigingen en andere personen;
    2. het geven van informatie over de studies wiskunde en informatica aan de TU/e;
    3. het organiseren van en het medewerking verlenen aan de organisatie van bijvoorbeeld excursies, congressen, lezingen en symposia;
    4. het organiseren van ontspannende activiteiten voor studerenden in de wiskunde en informatica aan de TU/e, in het bijzonder de leden;
    5. het inschakelen van alle andere haar ten dienste staande wettige middelen, diensten en activiteiten.

GELDMIDDELEN.
Artikel 6.

Het vermogen van de vereniging kan worden gevormd door:

  1. contributie van de leden;
  2. subsidies en donaties;
  3. ontvangsten uit door de vereniging georganiseerde evenementen;
  4. sponsorgelden;
  5. andere inkomsten en opbrengsten.

SAMENSTELLING DER VERENIGING.
Artikel 7.

  1. De vereniging kent leden, donateurs en afgestudeerden. Leden kunnen onderscheiden worden in:
    1. gewone leden;
    2. externe leden;
    3. ereleden.
    Waar in deze statuten wordt gesproken van leden of lid, wordt daaronder verstaan zowel de gewone leden, , de externe ledenals de ereleden, tenzij anders blijkt.
  2.  
    1. Gewone leden kunnen zijn zij die als student aan de faculteit M&CS staan ingeschreven bij de centrale studentenadministratie van de TU/e en als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Het gewone lidmaatschap wordt aangegaan voor een in het HR te bepalen termijn.
    2. Externe leden kunnen zijn zij die op enigerlei wijze belangstelling vertonen voor de doelstelling van de vereniging en als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Het externe lidmaatschap wordt aangegaan voor een in het HR te bepalen termijn.
    3. Ereleden zijn zij die wegens bijzondere verdiensten als zodanig zijn benoemd door de ALV. Het erelidmaatschap wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.
    Indien het bestuur iemand die zich als lid aanmeldt niet toelaat, deelt het zijn beslissing schriftelijk en gemotiveerd aan betrokkene mee onder gelijktijdige vermelding, dat deze daartegen binnen een maand beroep kan instellen bij de ALV door het indienen van een beroepschrift bij de secretaris van de vereniging. Het bestuur stelt de ALV in haar eerstvolgende vergadering op de hoogte van de 'niet toelating' en van een eventueel ingesteld beroep. Indien betrokkene beroep heeft ingesteld, kan de ALV alsnog tot toelating besluiten.
  3. Donateurs van de vereniging zijn zij die de vereniging met een minimum-bijdrage, vastgesteld bij HR, steunen en als zodanig door het bestuur zijn toegelaten. Het donateurschap wordt aangegaan voor onbepaalde tijd.
  4. Het lidmaatschap van de vereniging is persoonlijk en mitsdien niet overdraagbaar.
  5. Op voorstel van het bestuur kan de ALV een persoon wegens zijn bijzondere verdiensten voor de vereniging tot erelid benoemen.
    De ALV is te allen tijde bevoegd betrokkene het erelidmaatschap weer te ontnemen. Voorts eindigt het erelidmaatschap door bedanken en door overlijden.
  6. Afgestudeerden zijn oud-leden van de vereniging die op hun verzoek door het bestuur als zodanig zijn toegelaten, zij zijn geen leden van de vereniging in de zin van de wet.
    Afgestudeerden hebben het recht de door de vereniging georganiseerde activiteiten bij te wonen. Zij hebben overigens geen andere rechten en verplichtingen dan uitdrukkelijk bij of krachtens deze statuten en/of het HR toegekend of opgelegd. De betrokkenheid van de afgestudeerden bij de vereniging kan te allen tijde worden beëindigd door opzegging door de afgestudeerde of door opzegging door het bestuur namens de vereniging.

 

PLICHTEN VERBONDEN AAN HET LIDMAATSCHAP EN FINANCIËLE VERPLICHTINGEN.
Artikel 8.

  1. De leden zijn verplicht de statuten en reglementen van de vereniging, alsmede de besluiten van de organen van de vereniging, na te leven en de belangen van de vereniging niet te schaden.
  2. De leden zijn eenmalig gehouden tot het betalen van een contributie per lidmaatschap welke door de ALV wordt vastgesteld bij HR.
    Ereleden zijn vrijgesteld van het betalen van contributie.
  3. Voor deelname aan activiteiten van de vereniging kan een financiële bijdrage worden gevraagd. Nadere uitwerking hiervan zal in het HR plaatsvinden.

EINDE LIDMAATSCHAP.
Artikel 9.

  1. Het lidmaatschap eindigt:
    1. door overlijden van het lid;
    2. door schriftelijke opzegging door het lid, mits dit lid geen deel uitmaakt van het bestuur;
    3. door opzegging door de vereniging indien het lid niet meer voldoet aan de vereisten voor het lidmaatschap, alsmede wanneer het lid niet binnen drie maanden na schriftelijk te zijn aangemaand ten volle aan zijn verplichtingen tot het betalen van contributie heeft voldaan en/of wanneer van de vereniging redelijkerwijs niet kan worden gevergd het lidmaatschap nog langer te laten voortduren.
      De opzegging geschiedt door het bestuur;
    4. door ontzetting (royement);
    5. door het verstrijken van de termijn waarvoor het lidmaatschap is aangegaan.
  2. Behoudens het bepaalde in de leden 4 en 5 van dit artikel kan opzegging van het lidmaatschap, zowel door het lid als namens de vereniging, slechts geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van ten minste vier weken.
    Een opzegging die niet voldoet aan de in de vorige zin vermelde vereisten, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.
  3. Indien echter de opzegging, hetzij door de vereniging, hetzij door het lid, geschiedt op de grond dat redelijkerwijs van de vereniging, respectievelijk van het lid, niet gevergd kan worden het lidmaatschap nog langer te laten voortduren, kan het lidmaatschap met onmiddellijke ingang worden beëindigd.
  4. Indien de opzegging door de vereniging geschiedt kan de betrokkene zich schriftelijk tot de ALV wenden en tegen dit besluit beroep instellen. Het beroepschrift wordt daartoe ingediend bij de secretaris van de vereniging binnen een maand nadat het besluit de betrokkene bekend is geworden of redelijkerwijs bekend had kunnen worden.
  5. Voorts kan een lid zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang opzeggen:
    1. binnen een maand nadat hem een besluit is bekend geworden of meegedeeld, waarbij zijn rechten zijn beperkt of zijn verplichtingen zijn verzwaard. Het besluit is alsdan niet op hem van toepassing.
      Het lid heeft deze bevoegdheid tot onmiddellijke opzegging echter niet bij wijziging van geldelijke rechten en verplichtingen.
    2. binnen een maand nadat hem een besluit tot fusie van de vereniging of tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm is meegedeeld.
  6. Ontzetting geschiedt door de ALV en kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd handelt met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Het besluit tot ontzetting kan slechts worden genomen met een meerderheid van twee/derde van de uitgebrachte stemmen.
  7. Nadat de ALV tot ontzetting heeft besloten, wordt het lid daarvan ten spoedigste in kennis gesteld door middel van een aangetekend schrijven, waarbij hem uitdrukkelijk de redenen voor de ontzetting worden meegedeeld.
  8. Betrokkene kan zich binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving als bedoeld in het vorige lid schriftelijk tot de ALV wenden en daarbij beroep instellen tegen het besluit tot ontzetting. Het beroepschrift wordt daartoe ingediend bij de secretaris van de vereniging.
  9. De ALV neemt alsdan in haar eerstvolgende vergadering een beslissing over de ontzetting.
  10. Gedurende de beroepstermijn en hangende het beroep is het lid geschorst, met dien verstande dat betrokkene voor het voeren van verweer toegang heeft tot de ALV, waar zijn beroep wordt behandeld en het lid bevoegd is in die vergadering daarover het woord te voeren. Betrokkene is tevens bevoegd zich in de bedoelde vergadering door een raadsman te doen bijstaan.

SCHORSING.
Artikel 10.

  1. Het bestuur is bevoegd bij wijze van disciplinaire maatregel een lid te schorsen wanneer dit lid door zijn gedrag de belangen van de vereniging of van een of meer andere leden op onredelijke wijze schaadt.
  2. Een schorsing kan voor een periode van ten hoogste drie maanden worden opgelegd en kan éénmaal met ten hoogste drie maanden worden verlengd.
  3. Het bestuur stelt het lid bij aangetekend schrijven in kennis van de schorsing respectievelijk van de verlenging daarvan onder opgave van de gronden die tot de schorsing, respectievelijk de verlenging hebben geleid.
  4. Betrokkene kan zich binnen een maand na de ontvangst van de kennisgeving als bedoeld in het vorige lid schriftelijk tot de ALV wenden en daarbij beroep instellen tegen de schorsing respectievelijk de verlenging daarvan.
  5. De secretaris roept na ontvangst van het beroepschrift onverwijld een ALV bijeen, die binnen een maand na de ontvangst van het beroepschrift moet worden gehouden. De betrokkene wordt door de secretaris schriftelijk op de hoogte gesteld van en uitgenodigd voor deze ALV.
  6. De ALV neemt inzake het beroep geen beslissing dan nadat het betrokken lid in de gelegenheid is gesteld te worden gehoord door de ALV. De ALV is te allen tijde bevoegd een schorsing met onmiddellijke ingang te beëindigen.
  7. Is voor het einde van de schorsingstermijn door het bestuur aan het betrokken lid geen mededeling gedaan inzake opzegging van of ontzetting uit het lidmaatschap en is voor het einde van die termijn geen besluit genomen als bedoeld in het vorige lid, dan eindigt de schorsing van rechtswege door het verstrijken van die termijn.
  8. Gedurende de schorsing kan het lid niet deelnemen aan de activiteiten van de vereniging en kan het zijn lidmaatschapsrechten, behoudens het bepaalde in dit artikel, niet uitoefenen.

DONATEURS.
Artikel 11.

  1. Aan de vereniging kunnen ook donateurs zijn verbonden.
  2. Donateurs zijn natuurlijke of rechtspersonen, die door het bestuur als zodanig zijn toegelaten en die zich jegens de vereniging verplichten om jaarlijks minimaal een door de ALV bij HR vastgestelde bijdrage te storten.
  3. Aanmelding als donateur geschiedt door schriftelijke opgave aan het bestuur onder vermelding van de voorgenomen bijdrage.
  4. Het bestuur houdt een register bij waarin van iedere donateur diens naam, adres en het bedrag van de met hem overeengekomen jaarlijkse bijdrage wordt opgenomen.
  5. Donateurs hebben geen andere rechten of verplichtingen dan die welke hun bij of krachtens deze statuten zijn toegekend of opgelegd.
  6. De rechten en verplichtingen van de donateur kunnen te allen tijde zowel door de vereniging als door de donateur door opzegging met onmiddellijke ingang worden beëindigd, met dien verstande dat bij opzegging door de donateur de jaarlijkse bijdrage voor het lopende boekjaar voor het geheel verschuldigd blijft.
    Opzegging door de vereniging geschiedt door het bestuur.
  7. Iedere donateur-rechtspersoon heeft het recht zich op de ALV te laten vertegenwoordigen door één natuurlijk persoon.

BESTUUR.
Artikel 12.

  1. Het bestuur van de vereniging bestaat uit ten minste drie en ten hoogste negen leden, zulks met dien verstande dat het HR binnen deze marge beperkingen kan voorschrijven. Met inachtneming hiervan wordt het aantal leden vastgesteld door de ALV.
  2. De functies van voorzitter, de secretaris en de penningmeester en overige bestuursleden worden in functie benoemd; de functies van voorzitter, secretaris en penningmeester zijn onderling onverenigbaar. Een lid kan in maximaal twee verschillende verenigingsjaren bestuurslid zijn.
  3. Wanneer in het bestuur een of meer vacatures zijn ontstaan, vormen de overige bestuursleden of vormt het overblijvende bestuurslid niettemin een wettig bestuur.
    Het bestuur zorgt er voor dat zo spoedig mogelijk na het ontstaan van een vacature een ALV wordt bijeengeroepen tot benoeming van een nieuw bestuurslid.
  4. In geval van ontstentenis of belet van alle bestuurders wordt de vereniging tijdelijk bestuurd door de RvA en mocht deze niet zijn ingesteld, door een persoon die daartoe door de ALV moet zijn aangewezen.
    Onder belet wordt in deze statuten in elk geval verstaan de omstandigheid dat:
    1. de bestuurder gedurende een periode die nader bij HR zal worden vastgesteld, onbereikbaar is door ziekte of andere oorzaken; of
    2. de bestuurder is geschorst.

BENOEMING, AFTREDEN, SCHORSING EN ONTSLAG VAN BESTUURDERS.
Artikel 13A.

  1. De leden van het bestuur worden gekozen door de ALV, met inachtneming van het bepaalde in artikel 12 lid 2. Aan de benoeming van een bestuurder dient altijd een kandidaatstelling vooraf te gaan, behoudens kandidaatstelling voor functies die tijdens de vergadering vacant zijn geworden.
  2. Tot lid van het bestuur kunnen slechts worden gekozen leden van de vereniging die meerderjarig zijn. Tot lid van het bestuur kan niet worden gekozen een erelid..
  3. Tot twee dagen voor de datum van de ALV waarop de benoeming aan de orde zal komen, kunnen bij de secretaris door het bestuur of door ten minste tien stemgerechtigde leden kandidaten voor een bestuursfunctie worden gesteld.
  4. Een bestuurslid wordt benoemd voor een periode van een jaar, met dien verstande dat het bestuurslidmaatschap van betrokkene behoudens het bepaalde in lid 7 van dit artikel en behoudens herbenoeming, feitelijk eindigt op het moment dat de benoeming van een nieuwe bestuurder in de desbetreffende vacature ingaat en dat het bestuurslidmaatschap maximaal een jaar kan duren.
  5. Wanneer één der kandidaten niet wordt gekozen, kan deze zich staande de vergadering voor een andere functie verkiesbaar stellen.
  6. Een bestuurder kan zijn bestuurslidmaatschap doen eindigen door een schriftelijke opzegging, gericht aan het bestuur van de vereniging.
    Het lidmaatschap eindigt alsdan op het in de opzegging aangegeven tijdstip, doch niet eerder dan het moment waarop de opzegging de vereniging heeft bereikt.
    Voorts eindigt het bestuurslidmaatschap:
    1. door aftreden volgens rooster, met inachtneming van het bepaalde in lid 4 van dit artikel;
    2. door overlijden;
    3. doordat de bestuurder in staat van faillissement is verklaard, surséance van betaling heeft gekregen, dan wel op andere grond krachtens rechterlijke uitspraak het vrije beheer over zijn vermogen heeft verloren.
    4. door ontslag krachtens besluit van de ALV, waartoe dit orgaan te allen tijde bevoegd is. Het besluit wordt schriftelijk aan de bestuurder medegedeeld.
  7. De ALV kan een bestuurslid als zodanig te allen tijde schorsen. Een schorsing, die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.
  8. Schorsing of ontslag van een persoon als lid van het bestuur, laat op zichzelf diens rechten en verplichtingen als lid van de vereniging onaangetast.
  9. De leden van het bestuur genieten geen beloning voor hun werkzaamheden.

INSTELLEN VAN EEN RAAD VAN ADVIES.
Artikel 13B.

  1. De ALV kan besluiten een RvA in te stellen of op te heffen.
  2. De RvA is niet een raad van toezicht als bedoeld in de Wet bestuur en toezicht rechtspersonen.
  3. In het HR of een separaat reglement met betrekking tot de RvA zal nader worden uitgewerkt, onder andere, uit hoeveel leden de RvA zal bestaan en wat tot haar taken en bevoegdheden behoort.

VERTEGENWOORDIGING.
Artikel 14.

  1. Het bestuur vertegenwoordigt de vereniging, voor zover uit de wet niet anders voortvloeit.
  2. De bevoegdheid tot vertegenwoordiging komt bovendien toe aan de voorzitter, de secretaris en de penningmeester, met dien verstande dat alsdan steeds ten minste twee van hen gezamenlijk namens de vereniging moeten handelen.
  3. Namens de vereniging kunnen geen overeenkomsten worden aangegaan tot het kopen, vervreemden of bezwaren van registergoederen.
  4. Het bestuur behoeft de goedkeuring van de ALV voor:
    1. het voeren van rechtsgedingen en het aangaan van dadingen;
    2. het doen van niet-begrote uitgaven boven een bedrag, vast te stellen bij HR;
    3. het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt indien deze overeenkomst, op geld gewaardeerd, een bedrag vast te stellen bij HR, te boven gaat;
    4. het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.
  5.  
    1. Behoudens de beperkingen volgens deze statuten is het bestuur belast met het besturen van de vereniging. Bij de vervulling van hun taak richten de bestuurders zich naar het belang van de vereniging en de met haar verbonden organisatie.
    2. Een bestuurder neemt niet deel aan de beraadslaging en besluitvorming indien hij daarbij een direct of indirect persoonlijk belang heeft dat tegenstrijdig is met het belang van de vereniging en de met haar verbonden organisatie. Wanneer hierdoor geen bestuursbesluit kan worden genomen, wordt het besluit genomen door de ALV.

Artikel 15.

  1. Het bestuur is verantwoording verschuldigd aan de ALV. Aan de ALV komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of door de statuten aan het bestuur of andere organen zijn opgedragen.
  2. Jaarlijks wordt ten minste één ALV gehouden. Artikel 16 en 17 van deze statuten geven daaromtrent nadere voorschriften.
    Elke ledenvergadering wordt genoemd "ALV".
  3. Een ALV wordt gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.
  4. Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van ten minste een/tiende gedeelte van of indien het aantal leden groter is dan tweehonderd, twintig stemgerechtigde leden verplicht tot het bijeenroepen van een ALV op een termijn van niet langer dan vier weken na indiening van het verzoek.
    Indien aan dit verzoek niet binnen veertien dagen gevolg is gegeven, kunnen de verzoekers tot bijeenroeping overgaan op de wijze zoals in het volgende lid wordt voorgeschreven voor oproepingen door het bestuur. De verzoekers kunnen alsdan anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.
  5. Een ALV wordt, behoudens in het bijzondere geval als bedoeld in de tweede zin van het vorige lid, bijeengeroepen door het bestuur.
    De oproepingstermijn bedraagt ten minste zeven en ten hoogste achtentwintig dagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend. De oproep dient te geschieden conform bepalingen in het HR, tenzij anders in deze statuten bepaald.

TOEGANG EN BESLUITVORMING ALGEMENE LEDENVERGADERING.
Artikel 16.

  1. Elk lid heeft het recht de ALV bij te wonen, daarin het woord te voeren, en zijn stem uit te brengen, tenzij hij ten tijde van de vergadering als lid is geschorst.
    Donateurs en afgestudeerden hebben slechts het recht de ALV bij te wonen als toehoorder.
  2. In bijzondere gevallen kan de vergadering ook aan één of meer andere personen dan bedoeld in het vorige lid toegang tot de vergadering verlenen en hem of hen het recht geven het woord te voeren, hetzij in het algemeen, hetzij inzake een bepaald agendapunt.
  3. Elk stemgerechtigd lid kan één stem uitbrengen.
    De bestuurders hebben als zodanig het recht in de ALV advies te geven over een voorliggend voorstel.
  4. Een lid kan zich door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid ter vergadering laten vertegenwoordigen en zijn stem door deze gevolmachtigde laten uitbrengen.
    Een lid mag naast zijn eigen stem maximaal twee stemmen bij volmacht uitbrengen.
  5. Tenzij in deze statuten anders is bepaald, wordt een besluit genomen met gewone meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.
  6. Als ongeldige stemmen worden aangemerkt uitgebrachte stemmen of stembiljetten die, naar het oordeel van de stemcommissie, welke stemcommissie nadere uitwerking heeft in het HR:
    1. blanco zijn;
    2. zijn ondertekend;
    3. onleesbaar zijn;
    4. een persoon en/of zaak niet duidelijk aanwijzen;
    5. de naam bevatten van een persoon, die niet kandidaat gesteld is;
    6. voor een verkiesbare plaats meer dan een naam bevatten;
    7. meer bevatten dan een duidelijke aanwijzing van de persoon of zaak, die is bedoeld;
    8. op enigerlei andere wijze onduidelijk zijn.
      Indien er geen stemcommissie is ingesteld, is het oordeel van de voorzitter beslissend.
  7. Op voorstel van de voorzitter kan een besluit bij acclamatie worden aangenomen, tenzij een lid hoofdelijke stemming verlangt.
  8. Over personen wordt schriftelijk gestemd; over zaken mondeling, tenzij een lid schriftelijke stemming verlangt. In geval van een schriftelijke stemming wordt de procedure “schriftelijke stemming” gevolgd als nader omschreven in het  HR.
  9. Bij een stemming over de benoeming van personen wordt, indien er meer vacatures zijn, over elke vacature afzonderlijk gestemd.
    Mocht bij de eerste stemming op geen der kandidaten de meerderheid der stemmen zijn uitgebracht, dan zal worden herstemd over die kandidaten, op wie ten minste één stem is uitgebracht, met uitzondering van degene op wie het laagste aantal stemmen is uitgebracht.
    Indien op meer dan één kandidaat dit laagste aantal stemmen is uitgebracht, dan beslist het lot wie van hen voor de volgende stemming afvalt.
    De stemprocedure als weergegeven in de vorige twee zinnen wordt herhaald totdat op een kandidaat de meerderheid der stemmen is uitgebracht.
    Staken de stemmen bij een stemming over twee kandidaten, dan wordt over hen opnieuw gestemd. Staken de stemmen ook dan, dan beslist het lot.
    Ook indien voor een vacature slechts één kandidaat beschikbaar is, zal een stemming worden gehouden.
    Staken de stemmen in deze stemming, dan wordt het voorstel geacht te zijn verworpen.
  10. Wordt over personen gestemd, anders dan terzake van een benoeming, dan geldt het voorstel bij staking van stemmen als verworpen.
    Ook indien een voorstel zaken betreft, wordt het bij staking van stemmen als verworpen beschouwd.
  11. Het ter vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
    Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van dat oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, indien de meerderheid der vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde een stemgerechtigde aanwezige zulks verlangt.
    Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.
  12. Een eenstemmig besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de ALV.

LEIDING EN NOTULERING ALGEMENE LEDENVERGADERING.
Artikel 17.

  1. Een ALV wordt geleid door de voorzitter van het bestuur. Bij afwezigheid van de voorzitter treedt een ander door het bestuur aan te wijzen bestuurslid als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de ALV daarin zelf.
  2. De ALV kan echter, uitsluitend op voordracht van de voorzitter van de ALV, een andere voorzitter of secretaris van de vergadering aanwijzen. De ALV is te allen tijde bevoegd de voorzitter van het bestuur weer als voorzitter van de vergadering aan te wijzen.
  3. Van het verhandelde in de vergadering worden door de secretaris notulen gemaakt. De notulen worden ter kennis van de leden gebracht en worden in de eerstvolgende ALV besproken en, al dan niet gewijzigd, bij besluit van die vergadering, vastgesteld.

BOEKJAAR EN JAARSTUKKEN.
Artikel 18.

  1. Het bestuur is verplicht er voor te zorgen dat omtrent de vermogenstoestand van de vereniging een zodanige administratie en boekhouding wordt bijgehouden dat daaruit te allen tijde haar rechten en verplichtingen kenbaar zijn.
  2. Het boekjaar van de vereniging is gelijk aan het verenigingsjaar.
  3. Binnen zes maanden na afloop van ieder boekjaar wordt een ALV gehouden.
    In deze vergadering brengt het bestuur zijn jaarverslag uit en legt het onder overlegging van de jaarstukken jegens de leden en de donateurs rekening en verantwoording af over zijn in het afgelopen boekjaar gevoerde beleid.
    De jaarstukken bestaan uit een balans, een staat van baten en lasten en een toelichting en worden door alle bestuurders ondertekend.
    Ontbreekt de ondertekening van een of meer hunner, dan wordt daarvan onder de jaarstukken met opgave van de reden melding gemaakt.
    Tevens legt het bestuur uiterlijk veertien dagen voor aanvang van het boekjaar een begroting van de inkomsten en uitgaven voor het komende boekjaar over ter goedkeuring door de ALV.
  4. Op grond van bijzondere omstandigheden kan de ALV besluiten de in het vorige lid genoemde termijn, waarbinnen rekening en verantwoording moet worden afgelegd, te verlengen. In dat geval worden de jaarstukken besproken op een ALV, die alsdan binnen de verlengde termijn moet worden gehouden.
  5. Indien het bestuur niet binnen de in lid 3 genoemde termijn, of, indien de ALV de termijn op grond van het bepaalde in lid 4 heeft verlengd, niet binnen de door de ALV bepaalde termijn, de rekening en verantwoording als bedoeld in lid 3 heeft afgelegd, kan ieder lid van de gezamenlijke bestuurders in rechte vorderen dat zij deze verplichtingen nakomen.
  6. De ALV benoemt jaarlijks, doch uiterlijk veertien dagen voor aanvang van het boekjaar, de KCC van ten minste drie leden die geen deel uit mogen maken van het bestuur, en die moeten voldoen aan de bepalingen conform het HR, tot onderzoek van de rekening en verantwoording over het lopende casu quo laatst verstreken boekjaar.
  7. De ALV kan de opdracht aan de KCC te allen tijde herroepen, mits tegelijkertijd een nieuwe commissie wordt benoemd.
  8. De KCC brengt over haar bevindingen schriftelijk verslag uit aan de ALV.
  9. Vereist het onderzoek van de jaarstukken bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de KCC met toestemming van de ALV zich voor rekening van de vereniging door een deskundige laten bijstaan.
  10. Het bestuur is verplicht de KCC ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gevraagde inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de bezittingen van de vereniging te tonen en haar inzage in de administratie en de boekhouding van de vereniging te geven.
  11. De ALV beslist over de goedkeuring van het jaarverslag en de vaststelling van de jaarrekening en de begroting. Zij kan in de jaarrekening en/of in de begroting wijzigingen aanbrengen alvorens deze vast te stellen.
    Door goedkeuring van het jaarverslag en vaststelling van de jaarrekening verleent de ALV décharge aan de leden van het bestuur voor alle in het desbetreffende boekjaar verrichte handelingen voorzover die uit de jaarstukken blijken.
  12. Indien de goedkeuring van de rekening en verantwoording wordt geweigerd, benoemt de ALV de AVC bestaande uit ten minste drie leden, die geen deel uit mogen maken van het bestuur, en die moeten voldoen aan de bepalingen conform het HR, welke een nieuw onderzoek doet van rekening en verantwoording. Deze commissie heeft dezelfde bevoegdheden als de eerder genoemde KCC. Binnen een maand na de benoeming brengt zij aan de ALV schriftelijk verslag uit van haar bevindingen. Wordt ook dan goedkeuring geweigerd dan neemt de ALV al die maatregelen welke door haar in het belang van de vereniging nodig geacht worden.
  13. Het bestuur is verplicht de administratie, de boekhouding en de jaarstukken van ieder boekjaar ten minste zeven jaar lang te bewaren.

STATUTENWIJZIGING.
Artikel 19.

  1. De statuten kunnen slechts worden gewijzigd door een besluit van de ALV, waartoe werd opgeroepen met de mededeling, dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.
  2. Zij, die de oproeping tot de ALV ter behandeling van een voorstel tot statutenwijziging doen, moeten ten minste veertien dagen voor de vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgedragen wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden en donateurs ter inzage leggen tot na afloop van de dag, waarop de vergadering wordt gehouden. Bovendien moet aan ieder lid of donateur op diens verzoek een afschrift van de voorgestelde wijziging ter beschikking worden gesteld.
  3. Een besluit tot statutenwijziging kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering als bedoeld in lid 2 van dit artikel, waarin ten minste twee/derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
  4. Indien op de vergadering geen twee/derde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, dan kan op een tweede vergadering, mits deze met inachtneming van de voorgeschreven oproepingstermijn binnen vier weken na eerstbedoelde vergadering wordt gehouden, alsnog tot de voorgestelde wijziging worden besloten, ongeacht het aantal ter vergadering aanwezige of vertegenwoordigde leden, mits precies hetzelfde voorstel in stemming wordt gebracht als voor de eerstbedoelde vergadering was geagendeerd en het besluit genomen wordt met een meerderheid van ten minste twee/derde der geldig uitgebrachte stemmen.
    In de oproeping voor de tweede vergadering moet uitdrukkelijk worden vermeld dat thans aldus kan worden besloten, vanwege het ontbreken van het vereiste aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden in de eerstbedoelde vergadering.
  5. Een statutenwijziging treedt pas in werking nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt.
    Het bestuur stelt de leden op de hoogte van het tijdstip waarop de wijziging in werking treedt.
  6. De bestuursleden zijn verplicht een authentiek afschrift van de wijziging en van de gewijzigde statuten neer te leggen bij het handelsregister, waar de vereniging is ingeschreven.

ONTBINDING.
Artikel 20.

  1. De ALV is bevoegd de vereniging te ontbinden.
    Het besluit tot ontbinding kan slechts worden genomen met een meerderheid van ten minste twee/derde van de geldig uitgebrachte stemmen in een vergadering waarin ten minste drie/vierde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is.
  2. Het bepaalde in de leden 2 en 4 van artikel 19 is van overeenkomstige toepassing.
  3. Bij het besluit wordt uitdrukkelijk het tijdstip bepaald waarop de vereniging wordt ontbonden.
  4. De ALV bepaalt tevens de bestemming van een eventueel na vereffening blijkend overschot van het vermogen van de vereniging. Die bestemming moet zoveel mogelijk overeenkomen met het doel van de vereniging. Niet mag worden bepaald dat een batig saldo zal toekomen aan degenen die ten tijde van de ontbinding leden waren.
  5. Zijn op het tijdstip van ontbinding geen baten meer aanwezig, dan houdt de vereniging op dat tijdstip op te bestaan.
  6. Buiten het geval, bedoeld in het vorige lid, blijft de vereniging na haar ontbinding voortbestaan, voorzover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. Zij houdt alsdan op te bestaan op het tijdstip waarop de vereffening eindigt.
  7. Zolang de vereniging na ontbinding voortbestaat, moet in stukken en aankondigingen die van haar uitgaan aan haar naam worden toegevoegd: "in liquidatie".
  8. Is de vereniging ontbonden ingevolge een besluit van de ALV dan treden de bestuurders als vereffenaars op, voorzover de ALV bij haar besluit niet anders heeft bepaald.
  9. Het bestuur, respectievelijk, in geval van vereffening, de vereffenaars, zorgt/zorgen ervoor dat van de ontbinding en van het einde van het bestaan van de vereniging opgaaf ter inschrijving in het handelsregister wordt gedaan.
  10. Op de vereffenaars zijn de wettelijke en statutaire bepalingen omtrent de benoeming, de schorsing, het ontslag van en het toezicht op bestuursleden van overeenkomstige toepassing.
  11. Een vereffenaar heeft dezelfde bevoegdheden en plichten als een bestuurslid, voorzover deze verenigbaar zijn met zijn taak als vereffenaar.
  12. Blijkt aan de vereffenaars dat de schulden van de vereniging de baten vermoedelijk zullen overtreffen, dan zijn zij verplicht aangifte tot faillietverklaring van de vereniging te doen, tenzij alle schuldeisers desgevraagd instemmen met voortzetting van de vereffening buiten faillissement.
  13. Hetgeen na de voldoening van de schuldeisers van het vermogen van de vereniging is overgebleven, dragen de vereffenaars, na inachtneming van het in Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek bepaalde omtrent het opstellen en publiceren van een rekening en verantwoording en een plan van uitkering, over aan degene(n) die daarop krachtens de door de ALV bepaalde bestemming recht heeft/hebben. Heeft de ALV geen bestemming bepaald, dan bepalen de vereffenaars voor welk doel het overschot zal worden besteed. Ook deze bestemming dient zoveel mogelijk overeen te komen met het doel van de vereniging.
  14. Na afloop van de vereffening worden de boekhouding en de administratie van de ontbonden vereniging gedurende tenminste zeven jaar bewaard door de persoon die daartoe door de ALV is aangewezen.

HUISHOUDELIJK REGLEMENT.
Artikel 21.

  1. De ALV stelt bij HR nadere regels vast omtrent die zaken waar de statuten naar verwijzen of waarvan de regeling haar gewenst voorkomt.
  2. Het HR mag geen bepalingen bevatten, die afwijken van of in strijd zijn met de bepalingen van de wet of de statuten, tenzij de afwijking door de wet en statuten wordt toegestaan.
  3. Het HR kan slechts worden gewijzigd door een besluit daartoe van de ALV met een meerderheid van ten minste twee/derde van het aantal geldig uitgebrachte stemmen.
  4. Bij de oproeping tot de in lid 3 van dit artikel bedoelde vergadering moet worden meegedeeld dat ter vergadering een wijziging van het HR zal worden voorgesteld. De termijn voor oproeping tot een dergelijke vergadering bedraagt ten minste veertien dagen.
  5. Zij, die de oproeping tot in lid 3 van dit artikel bedoelde vergadering ter behandeling van een voorstel tot wijziging van het HR hebben gedaan, moeten ten minste vijf dagen voor de dag der vergadering een afschrift van dat voorstel, waarin de voorgestelde wijziging(en) woordelijk is (zijn) opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage leggen tot na afloop van de dag der vergadering.

COMMISSIES.
Artikel 22.

  1. Het bestuur kan onder haar verantwoordelijkheid een commissie instellen. Het bestuur kan hieromtrent nadere regels bij HR treffen. De leden van een commissie worden door het bestuur benoemd en ontslagen. Tenzij uitdrukkelijk anders is bepaald worden in dit artikel onder commissie niet verstaan de KCC en de AVC.
  2. De leden van een commissie dienen lid te zijn.
  3. Iedere commissie heeft een voorzitter.
  4. Een commissie is verantwoording schuldig aan het bestuur en aan de ALV en het bestuur heeft de bevoegdheid de commissie décharge te verlenen. Indien het bestuur een commissie décharge verleent, komt de verantwoordelijkheid voor het door de commissie gevoerde beleid bij het bestuur te liggen.
  5. Iedere commissie die financiële middelen beheert heeft een penningmeester. De functies penningmeester en voorzitter zijn binnen een commissie niet in één persoon verenigbaar.

DISPUTEN.
Artikel 23.

  1. Bij besluit van de ALV kan een dispuut of kunnen meerdere disputen worden ingesteld. De ALV kan hieromtrent nadere regels bij HR treffen.
  2. De leden van een dispuut dienen lid of afgestudeerde te zijn.

S.v. GEWIS uses cookies on this website, these are required for the website to function. Additionally, we may collection information about how you use our website in order to improve your experience. If you do not want your behaviour to be tracked please opt out below.

Privacy Policy